Statuten: Difference between revisions

From Hermit Hive
Jump to navigationJump to search
No edit summary
Tag: Reverted
No edit summary
 
(7 intermediate revisions by the same user not shown)
Line 1: Line 1:
==Artikel 1 - Naam en zetel==
==Artikel 1 - Naam en zetel==


# De naam van de stichting is: Stichting Hackerspace Hermit Hive.
1. De naam van de stichting is: Stichting Hackerspace Hermit Hive.
# De stichting is gevestigd in de gemeente Nieuwegein.
 
2. De stichting is gevestigd in de gemeente Nieuwegein.


==Artikel 2 - Doel==
==Artikel 2 - Doel==


# De stichting heeft als doel: het stimuleren van raakvlakken tussen kunst, technologie en innovatie, alsmede mensen samen te brengen om te groeien op digitaal en persoonlijk vlak, en het verrichten van al wat hiermee verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn. Tot dit doel behoort niet het doen van uitkeringen aan de oprichter of aan hen die deel uitmaken van organen van de stichting.
1. De stichting heeft als doel: het stimuleren van raakvlakken tussen kunst, technologie en innovatie, alsmede mensen samen te brengen om te groeien op digitaal en persoonlijk vlak, en het verrichten van al wat hiermee verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn. Tot dit doel behoort niet het doen van uitkeringen aan de oprichter of aan hen die deel uitmaken van organen van de stichting.
# De stichting beoogt het algemeen nut.
 
# De stichting heeft geen winstoogmerk.
2. De stichting beoogt het algemeen nut.
# De stichting tracht haar doel onder meer te bereiken door het faciliteren van een fysieke ontmoetingsplek waar mensen met een passie voor creatie en technologie samen aan projecten kunnen werken, van elkaar kunnen leren en elkaar inspireren.
 
3. De stichting heeft geen winstoogmerk.
 
4. De stichting tracht haar doel onder meer te bereiken door het faciliteren van een fysieke ontmoetingsplek waar mensen met een passie voor creatie en technologie samen aan projecten kunnen werken, van elkaar kunnen leren en elkaar inspireren.


==Artikel 3 - Bestuur: samenstelling, benoeming, beloning, ontslag==
==Artikel 3 - Bestuur: samenstelling, benoeming, beloning, ontslag==


# Het bestuur van de stichting bestaat uit drie of meer natuurlijke personen. De vergadering van deelnemers stelt het aantal bestuurders vast. Een niet-voltallig bestuur behoudt zijn bevoegdheden. Het bestuur kan uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester aanwijzen. Eén bestuurder kan meer van deze functies vervullen.
1. Het bestuur van de stichting bestaat uit drie of meer natuurlijke personen. De vergadering
# De bestuurders worden benoemd door het bestuur op voordracht van de vergadering van deelnemers. Het bestuur informeert de vergadering van deelnemers zo spoedig mogelijk over het ontstaan van een vacature in het bestuur. De voordracht tot benoeming van een bestuurder wordt schriftelijk ingediend bij het bestuur. Een voordracht bevat voor elke te
van deelnemers stelt het aantal bestuurders vast. Een niet-voltallig bestuur behoudt zijn
vervullen vacature ten minste twee personen. Van iedere kandidaat wordt in elk geval meegedeeld zijn leeftijd, zijn beroep en de betrekkingen die hij bekleedt en die hij heeft
bevoegdheden. Het bestuur kan uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een
bekleed voor zover die van belang zijn in verband met de vervulling van zijn taak. Het bestuur is vrij in de benoeming als de vergadering van deelnemers de voordracht niet uiterlijk drie maanden na het ontstaan van de te vervullen vacature schriftelijk heeft ingediend bij het bestuur.
penningmeester aanwijzen. Eén bestuurder kan meer van deze functies vervullen.
# Iedere bestuurder moet voldoen aan de volgende vereisten:
 
## een bestuurder is een natuurlijk persoon;
2. De bestuurders worden benoemd door het bestuur op voordracht van de vergadering van
## een bestuurder heeft het vrije beheer over zijn vermogen.
deelnemers. Het bestuur informeert de vergadering van deelnemers zo spoedig mogelijk
## een bestuurder is in de laatste vijf jaar niet door de rechtbank ontslagen als bestuurder van een stichting; Ten hoogste de helft van het aantal bestuurders mag met een andere bestuurder een familieband hebben. Onder familieband wordt verstaan bloed- of aanverwantschap tot en met de vierde graad en de hoedanigheid van echtgenoot, geregistreerd partner of andere levensgezel.
over het ontstaan van een vacature in het bestuur. De voordracht tot benoeming van een
# Bestuurders worden benoemd voor onbepaalde tijd.
bestuurder wordt schriftelijk ingediend bij het bestuur. Een voordracht bevat voor elke te
# Alle bestuurders kunnen een vergoeding krijgen van de kosten die zij redelijkerwijs hebben gemaakt in de uitoefening van hun functie. De bestuurders ontvangen geen beloning voor hun werkzaamheden.
vervullen vacature ten minste twee personen. Van iedere kandidaat wordt in elk geval
# Een bestuurder kan worden geschorst door het bestuur.
meegedeeld zijn leeftijd, zijn beroep en de betrekkingen die hij bekleedt en die hij heeft
Na een schorsing roept het bestuur een nieuwe vergadering bijeen, die wordt gehouden binnen vier weken na de schorsing. In die vergadering wordt besloten of de schorsing wordt opgeheven, de schorsing wordt verlengd of de betreffende bestuurder wordt ontslagen. Een schorsing kan in totaal nooit langer dan drie maanden duren. De schorsing vervalt als geen besluit tot verlenging wordt genomen binnen de hiervoor vermelde termijn van vier weken of als na verloop van drie maanden geen besluit tot ontslag van de betreffende bestuurder is genomen.
bekleed voor zover die van belang zijn in verband met de vervulling van zijn taak.
# Een bestuurder verliest zijn functie:
Het bestuur is vrij in de benoeming als de vergadering van deelnemers de voordracht niet
## door zijn overlijden;
uiterlijk drie maanden na het ontstaan van de te vervullen vacature schriftelijk heeft
## door zijn faillissement, door op hem van toepassing verklaren van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen of doordat hij surseance van betaling verkrijgt;
ingediend bij het bestuur.
## door zijn ondercuratelestelling of de onderbewindstelling van zijn gehele vermogen;
 
## door zijn vrijwillig aftreden;
3. Iedere bestuurder moet voldoen aan de volgende vereisten:
## door zijn ontslag gegeven door het bestuur;
 
## door zijn ontslag door de rechtbank.
a. een bestuurder is een natuurlijk persoon;
# Bij belet of ontstentenis van een of meer bestuurders zijn de overige bestuurders, of is de enige overgebleven bestuurder, tijdelijk met het bestuur belast. Bij belet of ontstentenis van alle bestuurders is een door het bestuur daartoe voor onbepaalde tijd aan te wijzen persoon tijdelijk met het bestuur belast.
 
b. een bestuurder heeft het vrije beheer over zijn vermogen.
 
c. een bestuurder is in de laatste vijf jaar niet door de rechtbank ontslagen als bestuurder van een stichting;
Ten hoogste de helft van het aantal bestuurders mag met een andere bestuurder een
familieband hebben. Onder familieband wordt verstaan bloed- of aanverwantschap tot en
met de vierde graad en de hoedanigheid van echtgenoot, geregistreerd partner of andere
levensgezel.
 
4. Bestuurders worden benoemd voor onbepaalde tijd.
 
5. Alle bestuurders kunnen een vergoeding krijgen van de kosten die zij redelijkerwijs
hebben gemaakt in de uitoefening van hun functie.
De bestuurders ontvangen geen beloning voor hun werkzaamheden.
 
6. Een bestuurder kan worden geschorst door het bestuur.
Na een schorsing roept het bestuur een nieuwe vergadering bijeen, die wordt gehouden
binnen vier weken na de schorsing. In die vergadering wordt besloten of de schorsing
wordt opgeheven, de schorsing wordt verlengd of de betreffende bestuurder wordt
ontslagen. Een schorsing kan in totaal nooit langer dan drie maanden duren.
De schorsing vervalt als geen besluit tot verlenging wordt genomen binnen de hiervoor
vermelde termijn van vier weken of als na verloop van drie maanden geen besluit tot
ontslag van de betreffende bestuurder is genomen.
 
7. Een bestuurder verliest zijn functie:
 
a. door zijn overlijden;
 
b. door zijn faillissement, door op hem van toepassing verklaren van de
schuldsaneringsregeling natuurlijke personen of doordat hij surseance van betaling
verkrijgt;
 
c. door zijn ondercuratelestelling of de onderbewindstelling van zijn gehele vermogen;
 
d. door zijn vrijwillig aftreden;
 
e. door zijn ontslag gegeven door het bestuur;
 
g. door zijn ontslag door de rechtbank.
 
8. Bij belet of ontstentenis van een of meer bestuurders zijn de overige bestuurders, of is de
enige overgebleven bestuurder, tijdelijk met het bestuur belast.
Bij belet of ontstentenis van alle bestuurders is een door het bestuur daartoe voor
onbepaalde tijd aan te wijzen persoon tijdelijk met het bestuur belast.


==Artikel 4 - Bestuur: bijeenroeping, vergaderingen, besluitvorming==
==Artikel 4 - Bestuur: bijeenroeping, vergaderingen, besluitvorming==


# Iedere bestuurder is bevoegd een vergadering van het bestuur bijeen te roepen.
1. Iedere bestuurder is bevoegd een vergadering van het bestuur bijeen te roepen.
# De bijeenroeping van de vergadering van het bestuur vindt schriftelijk plaats. Bij deze bijeenroeping wordt opgegeven op welke dag de vergadering plaatsvindt, wat het aanvangstijdstip van de vergadering is en welke onderwerpen worden behandeld (agenda). De bijeenroeping vindt plaats met inachtneming van een termijn van ten minste zeven dagen, de dag van bijeenroeping en die van de vergadering niet meegerekend. De bestuurder die voor dit doel een adres aan de stichting bekend heeft gemaakt, kan tot de vergaderingen van het bestuur worden opgeroepen door een langs elektronische weg aan dat adres toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht.
 
# De vergaderingen van het bestuur worden gehouden op de plaats te bepalen door degene die de vergadering bijeenroept.
2. De bijeenroeping van de vergadering van het bestuur vindt schriftelijk plaats. Bij deze
# Als wordt gehandeld in strijd met enige bepaling van de twee vorige leden kan het bestuur niettemin rechtsgeldige besluiten nemen als alle bestuurders in de vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
bijeenroeping wordt opgegeven op welke dag de vergadering plaatsvindt, wat het
# Een bestuurder kan aan een andere bestuurder schriftelijk volmacht verlenen om zich in de vergadering te laten vertegenwoordigen. Een elektronisch vastgelegde volmacht geldt als een schriftelijke volmacht. Een bestuurder kan niet meer dan één medebestuurder in de vergadering vertegenwoordigen.
aanvangstijdstip van de vergadering is en welke onderwerpen worden behandeld
# In de vergaderingen van het bestuur heeft iedere bestuurder één stem. Voor zover in deze statuten geen grotere meerderheid is voorgeschreven, worden de besluiten door het bestuur genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten minste de helft van de bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is.
(agenda). De bijeenroeping vindt plaats met inachtneming van een termijn van ten minste
zeven dagen, de dag van bijeenroeping en die van de vergadering niet meegerekend.
De bestuurder die voor dit doel een adres aan de stichting bekend heeft gemaakt, kan tot
de vergaderingen van het bestuur worden opgeroepen door een langs elektronische weg
aan dat adres toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht.
 
3. De vergaderingen van het bestuur worden gehouden op de plaats te bepalen door degene
die de vergadering bijeenroept.
 
4. Als wordt gehandeld in strijd met enige bepaling van de twee vorige leden kan het
bestuur niettemin rechtsgeldige besluiten nemen als alle bestuurders in de vergadering
aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
 
5. Een bestuurder kan aan een andere bestuurder schriftelijk volmacht verlenen om zich in
de vergadering te laten vertegenwoordigen. Een elektronisch vastgelegde volmacht geldt
als een schriftelijke volmacht.
Een bestuurder kan niet meer dan één medebestuurder in de vergadering
vertegenwoordigen.
 
6. In de vergaderingen van het bestuur heeft iedere bestuurder één stem.
Voor zover in deze statuten geen grotere meerderheid is voorgeschreven, worden de
besluiten door het bestuur genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte
stemmen in een vergadering waarin ten minste de helft van de bestuursleden aanwezig of
vertegenwoordigd is.
Bij staking van stemmen over zaken is het voorstel verworpen.
Bij staking van stemmen over zaken is het voorstel verworpen.
# Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming als hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de met haar verbonden onderneming of organisatie. Als hierdoor geen bestuursbesluit kan worden genomen, dan is de betreffende bestuurder toch bevoegd om deel te nemen aan beraadslagingen en de besluitvorming en is het bestuur bevoegd het besluit op deze wijze te nemen. Het bestuur legt dan schriftelijk vast welke overwegingen aan het besluit ten grondslag liggen.
 
7. Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming als hij daarbij een
direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de
stichting en de met haar verbonden onderneming of organisatie. Als hierdoor geen
bestuursbesluit kan worden genomen, dan is de betreffende bestuurder toch bevoegd om
deel te nemen aan beraadslagingen en de besluitvorming en is het bestuur bevoegd het
besluit op deze wijze te nemen. Het bestuur legt dan schriftelijk vast welke overwegingen
aan het besluit ten grondslag liggen.


==Artikel 5 - Bestuur: leiding van de vergaderingen, notulen, besluitvorming buiten vergadering==
==Artikel 5 - Bestuur: leiding van de vergaderingen, notulen, besluitvorming buiten vergadering==


# De voorzitter leidt de vergaderingen van het bestuur. Bij zijn afwezigheid voorziet de vergadering zelf in haar leiding.
1. De voorzitter leidt de vergaderingen van het bestuur. Bij zijn afwezigheid voorziet de
# De voorzitter van de vergadering bepaalt de wijze waarop de stemmingen in de vergaderingen worden gehouden.
vergadering zelf in haar leiding.
# Het in de vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter van de vergadering over de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel. Wordt onmiddellijk na het uitspreken van het oordeel van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, als de meerderheid van de vergadering of, als de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk plaatsvond, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
 
# Van het verhandelde in de vergaderingen van het bestuur worden notulen gehouden door de daartoe door de voorzitter van de vergadering aangewezen persoon. De notulen worden nadat zij zijn vastgesteld door de voorzitter en de notulist van de vergadering ondertekend.
2. De voorzitter van de vergadering bepaalt de wijze waarop de stemmingen in de
# Het bestuur kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, als alle bestuurders schriftelijk hun stem uitbrengen. Een besluit is dan genomen als alle bestuurders zich vóór het voorstel hebben verklaard. Als in deze statuten staat dat een besluit in een vergadering genomen wordt, ongeacht of hiervoor een bepaald aanwezigheidsquorum of bepaalde meerderheid is voorgeschreven, kan het besluit ook buiten vergadering genomen worden. Ook dan geldt dat het besluit alleen genomen is als alle bestuurders zich schriftelijk vóór het voorstel hebben verklaard. Onder een schriftelijke verklaring wordt mede begrepen een langs elektronische weg toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht, aan het adres dat het bestuur voor dit doel heeft vastgesteld en aan alle bestuurders.
vergaderingen worden gehouden.
 
3. Het in de vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter van de vergadering over de
uitslag van een stemming is beslissend.
Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over
een niet schriftelijk vastgelegd voorstel. Wordt onmiddellijk na het uitspreken van het
oordeel van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming
plaats, als de meerderheid van de vergadering of, als de oorspronkelijke stemming niet
hoofdelijk of schriftelijk plaatsvond, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door
deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
 
4. Van het verhandelde in de vergaderingen van het bestuur worden notulen gehouden door
de daartoe door de voorzitter van de vergadering aangewezen persoon.
De notulen worden nadat zij zijn vastgesteld door de voorzitter en de notulist van de
vergadering ondertekend.
 
5. Het bestuur kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, als alle
bestuurders schriftelijk hun stem uitbrengen. Een besluit is dan genomen als alle
bestuurders zich vóór het voorstel hebben verklaard.
Als in deze statuten staat dat een besluit in een vergadering genomen wordt, ongeacht of
hiervoor een bepaald aanwezigheidsquorum of bepaalde meerderheid is voorgeschreven,
kan het besluit ook buiten vergadering genomen worden. Ook dan geldt dat het besluit
alleen genomen is als alle bestuurders zich schriftelijk vóór het voorstel hebben verklaard.
Onder een schriftelijke verklaring wordt mede begrepen een langs elektronische weg
toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht, aan het adres dat het bestuur voor dit
doel heeft vastgesteld en aan alle bestuurders.


==Artikel 6 - Bestuur: taken en bevoegdheden==
==Artikel 6 - Bestuur: taken en bevoegdheden==


# Het bestuur is belast met het besturen van de stichting. Iedere bestuurder is tegenover de stichting verplicht tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van alles met betrekking tot de werkzaamheden van de stichting, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat op ieder moment de rechten en verplichtingen van de stichting kunnen worden gekend. Het bestuur is verplicht de bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende zeven jaren te bewaren.
1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.
# Het bestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt.
Iedere bestuurder is tegenover de stichting verplicht tot een behoorlijke vervulling van de
# Erfstellingen mogen alleen onder het voorrecht van boedelbeschrijving worden aanvaard.
hem opgedragen taak.
Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van alles met
betrekking tot de werkzaamheden van de stichting, naar de eisen die voortvloeien uit
deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe
behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te
bewaren, dat op ieder moment de rechten en verplichtingen van de stichting kunnen
worden gekend.
Het bestuur is verplicht de bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers
gedurende zeven jaren te bewaren.
 
2. Het bestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging,
vervreemding of bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van
overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk schuldenaar verbindt,
zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een
derde verbindt.
 
3. Erfstellingen mogen alleen onder het voorrecht van boedelbeschrijving worden aanvaard.


==Artikel 7 - Bestuur: vertegenwoordiging==
==Artikel 7 - Bestuur: vertegenwoordiging==


# Tot vertegenwoordiging van de stichting zijn bevoegd: - het gehele bestuur samen; - twee gezamenlijk handelende bestuurders. Een individuele bestuurder kan de stichting niet vertegenwoordigen, tenzij het bestuur uit één bestuurder bestaat.
1. Tot vertegenwoordiging van de stichting zijn bevoegd:
# Het bestuur kan besluiten tot het verlenen van incidentele dan wel doorlopende volmacht aan een of meer bestuurders en/of aan anderen, zowel samen als afzonderlijk, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.
 
- het gehele bestuur samen;
 
- twee gezamenlijk handelende bestuurders.
Een individuele bestuurder kan de stichting niet vertegenwoordigen, tenzij het bestuur uit
één bestuurder bestaat.
 
2. Het bestuur kan besluiten tot het verlenen van incidentele dan wel doorlopende volmacht
aan een of meer bestuurders en/of aan anderen, zowel samen als afzonderlijk, om de
stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.


==Artikel 7a – Deelnemers==
==Artikel 7a – Deelnemers==


# Deelnemers zijn zij, die zich als deelnemer bij de stichting hebben aangemeld en door het bestuur als zodanig zijn toegelaten.
1. Deelnemers zijn zij, die zich als deelnemer bij de stichting hebben aangemeld en door het
# Deelnemers kunnen zijn meerderjarige natuurlijke personen en rechtspersonen die inhoudelijke of zakelijke belangen hebben bij de stichting Ook samenwerkingsverbanden zonder rechtspersoonlijkheid (maatschappen, vennootschappen onder firma, commanditaire vennootschappen) kunnen deelnemer zijn. Het deelnemerschap van een dergelijk samenwerkingsverband betekent het deelnemerschap van de gezamenlijke vennoten. Het samenwerkingsverband wordt daarbij beschouwd als één deelnemer. De rechten van het samenwerkingsverband als deelnemer kunnen alleen worden uitgeoefend door een vennoot die bestuursbevoegdheid heeft. De vennoten van het samenwerkingsverband wijzen een van hen aan als de vennoot die namens het samenwerkingsverband de rechten als deelnemer zal uitoefenen. Een deelnemer moet verder voldoen aan de volgende eisen: - de deelnemer moet bekwaam zijn overeenkomsten te sluiten; - de deelnemer moet een deelnemersovereenkomst met de stichting hebben gesloten. Als en zolang een deelnemer niet voldoet aan het bepaalde in dit lid, kan hij de rechten die aan zijn deelnemerschap verbonden zijn niet uitoefenen.
bestuur als zodanig zijn toegelaten.
# Telkens als het bestuur dit wenselijk acht, maar ten minste één keer per jaar, wordt een vergadering bijeengeroepen waarvoor alle deelnemers worden uitgenodigd. Deze vergadering wordt aangeduid als de vergadering van deelnemers. Een vergadering van deelnemers wordt bijeengeroepen door het bestuur.
 
# Behalve de deelnemers hebben ook alle bestuurders toegang tot de vergadering van deelnemers. Zij mogen in die vergadering het woord voeren. Over toelating van anderen dan de hiervoor bedoelde personen beslist het bestuur.
2. Deelnemers kunnen zijn meerderjarige natuurlijke personen en rechtspersonen die
# De vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur. Wordt op deze wijze niet in het voorzitterschap van de vergadering voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelf. De vergadering wijst een secretaris aan die de notulen houdt.
inhoudelijke of zakelijke belangen hebben bij de stichting
# Iedere deelnemer heeft één stem. Besluiten van de vergadering van deelnemers worden genomen met volstrekte meerderheid van de stemmen.
Ook samenwerkingsverbanden zonder rechtspersoonlijkheid (maatschappen,
# Het deelnemerschap eindigt door: - het einde van de deelnemersovereenkomst; - het overlijden van een deelnemer; is een rechtspersoon deelnemer dan eindigt zijn deelnemerschap wanneer hij ophoudt te bestaan, ook als dit ophouden te bestaan het gevolg is van fusie of splitsing; Door het toe- en uittreden van vennoten eindigt het deelnemerschap van het samenwerkingsverband niet, maar bij uittreding participeert een vennoot niet langer in het deelnemerschap, terwijl toetreding met zich brengt dat een vennoot deel krijgt in het deelnemerschap.
vennootschappen onder firma, commanditaire vennootschappen) kunnen deelnemer zijn.
Het deelnemerschap van een dergelijk samenwerkingsverband betekent het
deelnemerschap van de gezamenlijke vennoten. Het samenwerkingsverband wordt
daarbij beschouwd als één deelnemer. De rechten van het samenwerkingsverband als
deelnemer kunnen alleen worden uitgeoefend door een vennoot die
bestuursbevoegdheid heeft. De vennoten van het samenwerkingsverband wijzen een van
hen aan als de vennoot die namens het samenwerkingsverband de rechten als deelnemer
zal uitoefenen.
 
Een deelnemer moet verder voldoen aan de volgende eisen:
 
- de deelnemer moet bekwaam zijn overeenkomsten te sluiten;
 
- de deelnemer moet een deelnemersovereenkomst met de stichting hebben gesloten.
 
Als en zolang een deelnemer niet voldoet aan het bepaalde in dit lid, kan hij de rechten
die aan zijn deelnemerschap verbonden zijn niet uitoefenen.
 
3. Telkens als het bestuur dit wenselijk acht, maar ten minste één keer per jaar, wordt een
vergadering bijeengeroepen waarvoor alle deelnemers worden uitgenodigd. Deze
vergadering wordt aangeduid als de vergadering van deelnemers.
Een vergadering van deelnemers wordt bijeengeroepen door het bestuur.
 
4. Behalve de deelnemers hebben ook alle bestuurders toegang tot de vergadering van
deelnemers. Zij mogen in die vergadering het woord voeren. Over toelating van anderen
dan de hiervoor bedoelde personen beslist het bestuur.
 
5. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur. Wordt op deze wijze
niet in het voorzitterschap van de vergadering voorzien, dan voorziet de vergadering
daarin zelf. De vergadering wijst een secretaris aan die de notulen houdt.
 
6. Iedere deelnemer heeft één stem. Besluiten van de vergadering van deelnemers worden
genomen met volstrekte meerderheid van de stemmen.
 
7. Het deelnemerschap eindigt door:
 
- het einde van de deelnemersovereenkomst;
 
- het overlijden van een deelnemer;
 
is een rechtspersoon deelnemer dan eindigt zijn deelnemerschap wanneer hij
ophoudt te bestaan, ook als dit ophouden te bestaan het gevolg is van fusie of
splitsing;
Door het toe- en uittreden van vennoten eindigt het deelnemerschap van het
samenwerkingsverband niet, maar bij uittreding participeert een vennoot niet langer in
het deelnemerschap, terwijl toetreding met zich brengt dat een vennoot deel krijgt in het
deelnemerschap.


==Artikel 8 - Boekjaar; verslaggeving==
==Artikel 8 - Boekjaar; verslaggeving==


# Het boekjaar loopt gelijk aan het kalenderjaar.
1. Het boekjaar loopt gelijk aan het kalenderjaar.
# Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar de balans en de staat van baten en lasten van de stichting op te maken en op papier te stellen. De penningmeester zendt deze stukken vóór het einde van de in de voorgaande zin bedoelde termijn aan alle bestuurders. Het bestuur maakt een jaarrekening en een bestuursverslag op als bedoeld in artikel 2:300 Burgerlijk Wetboek als dat op grond van de wet verplicht is. In dat geval legt het bestuur een exemplaar daarvan voor het bestuur ter inzage op het kantoor van de stichting met de op grond van de wet toe te voegen gegevens.
 
# Het bestuur kan, voordat tot de vaststelling van de balans en de staat van baten en lasten wordt overgegaan, deze stukken laten onderzoeken door een door hem aan te wijzen accountant als bedoeld in artikel 2:393 lid 1 Burgerlijk Wetboek. Deze accountant brengt over zijn onderzoek verslag uit aan het bestuur. Hij geeft de uitslag van zijn onderzoek weer in een verklaring over de getrouwheid van de stukken. # De balans en de staat van baten en lasten van de stichting of de jaarrekening wordt vastgesteld door het bestuur binnen een maand na het opmaken van de stukken als bedoeld in lid 2. De vastgestelde stukken worden ondertekend door alle bestuurders. Als een handtekening van een van hen ontbreekt wordt de reden daarvan op de stukken vermeld.
2. Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar de balans
# De in lid 2 vermelde termijn kan door het bestuur worden verlengd met ten hoogste vier maanden op grond van bijzondere omstandigheden.
en de staat van baten en lasten van de stichting op te maken en op papier te stellen.
De penningmeester zendt deze stukken vóór het einde van de in de voorgaande zin
bedoelde termijn aan alle bestuurders.
Het bestuur maakt een jaarrekening en een bestuursverslag op als bedoeld in artikel
2:300 Burgerlijk Wetboek als dat op grond van de wet verplicht is. In dat geval legt het
bestuur een exemplaar daarvan voor het bestuur ter inzage op het kantoor van de
stichting met de op grond van de wet toe te voegen gegevens.
 
3. Het bestuur kan, voordat tot de vaststelling van de balans en de staat van baten en lasten
wordt overgegaan, deze stukken laten onderzoeken door een door hem aan te wijzen
accountant als bedoeld in artikel 2:393 lid 1 Burgerlijk Wetboek. Deze accountant brengt
over zijn onderzoek verslag uit aan het bestuur. Hij geeft de uitslag van zijn onderzoek
weer in een verklaring over de getrouwheid van de stukken.
 
4. De balans en de staat van baten en lasten van de stichting of de jaarrekening wordt
vastgesteld door het bestuur binnen een maand na het opmaken van de stukken als
bedoeld in lid 2.
De vastgestelde stukken worden ondertekend door alle bestuurders. Als een
handtekening van een van hen ontbreekt wordt de reden daarvan op de stukken vermeld.
 
5. De in lid 2 vermelde termijn kan door het bestuur worden verlengd met ten hoogste vier
maanden op grond van bijzondere omstandigheden.


==Artikel 9 - Reglementen==
==Artikel 9 - Reglementen==


# Het bestuur kan een of meer reglementen vaststellen. In een reglement worden regels of nadere regels opgenomen, die het bestuur nodig acht voor de uitvoering van zijn taak. Een reglement mag nooit in strijd zijn met de statuten of de wet. Het bestuur kan elk door hem gemaakt reglement wijzigen en ook intrekken.
1. Het bestuur kan een of meer reglementen vaststellen. In een reglement worden regels of
# Een reglement wordt schriftelijk vastgelegd met vermelding van de dag waarop het van kracht wordt. Deze datum kan niet zijn gelegen vóór de datum waarop het besluit werd genomen.
nadere regels opgenomen, die het bestuur nodig acht voor de uitvoering van zijn taak.
Een reglement mag nooit in strijd zijn met de statuten of de wet.
Het bestuur kan elk door hem gemaakt reglement wijzigen en ook intrekken.
 
2. Een reglement wordt schriftelijk vastgelegd met vermelding van de dag waarop het van
kracht wordt. Deze datum kan niet zijn gelegen vóór de datum waarop het besluit werd
genomen.


==Artikel 10 - Statutenwijziging==
==Artikel 10 - Statutenwijziging==
# Het bestuur is bevoegd de statuten te wijzigen.
1. Het bestuur is bevoegd de statuten te wijzigen.
# Het besluit tot statutenwijziging kan slechts worden genomen met een meerderheid van ten minste twee derde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Is in de vergadering waarin een besluit tot statutenwijziging aan de orde is het vereiste aantal bestuurders niet aanwezig of vertegenwoordigd, dan kan na die vergadering een nieuwe vergadering worden bijeengeroepen, te houden niet eerder dan drie en niet later dan zes weken na de eerste vergadering. In de nieuwe vergadering kan het besluit tot statutenwijziging worden genomen met een meerderheid van ten minste twee derde van de uitgebrachte stemmen, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders.
 
# Als een voorstel tot wijziging van de statuten wordt gedaan, moet dat bij de oproeping tot de betreffende vergadering, worden vermeld. De woordelijke tekst van de voorgestelde wijziging moet bij die oproeping worden gevoegd. De termijn van de oproeping bedraagt in dit geval ten minste twee weken.
2. Het besluit tot statutenwijziging kan slechts worden genomen met een meerderheid van
# Een statutenwijziging treedt in werking op het door het bestuur bepaalde tijdstip, maar niet eerder dan nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Iedere bestuurder is bevoegd deze akte te laten verlijden. Het bestuur kan een of meer bestuurders en/of anderen, zowel gezamenlijk als afzonderlijk, machtigen de akte van statutenwijziging te laten verlijden.
ten minste twee derde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin alle
bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
 
Is in de vergadering waarin een besluit tot statutenwijziging aan de orde is het vereiste
aantal bestuurders niet aanwezig of vertegenwoordigd, dan kan na die vergadering een
nieuwe vergadering worden bijeengeroepen, te houden niet eerder dan drie en niet later
dan zes weken na de eerste vergadering. In de nieuwe vergadering kan het besluit tot
statutenwijziging worden genomen met een meerderheid van ten minste twee derde van
de uitgebrachte stemmen, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde
bestuurders.
 
3. Als een voorstel tot wijziging van de statuten wordt gedaan, moet dat bij de oproeping tot
de betreffende vergadering, worden vermeld. De woordelijke tekst van de voorgestelde
wijziging moet bij die oproeping worden gevoegd.
De termijn van de oproeping bedraagt in dit geval ten minste twee weken.
 
4. Een statutenwijziging treedt in werking op het door het bestuur bepaalde tijdstip, maar
niet eerder dan nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt.
Iedere bestuurder is bevoegd deze akte te laten verlijden.
Het bestuur kan een of meer bestuurders en/of anderen, zowel gezamenlijk als
afzonderlijk, machtigen de akte van statutenwijziging te laten verlijden.


==Artikel 11 - Fusie; splitsing; omzetting==
==Artikel 11 - Fusie; splitsing; omzetting==


Op een besluit van het bestuur tot fusie of splitsing in de zin van titel 7 van Boek 2 Burgerlijk Wetboek en op een besluit van het bestuur tot omzetting van de stichting in een andere rechtsvorm overeenkomstig artikel 2:18 Burgerlijk Wetboek, is het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van het vorige artikel zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing, onverminderd de eisen van de wet.
Op een besluit van het bestuur tot fusie of splitsing in de zin van titel 7 van Boek 2 Burgerlijk
Wetboek en op een besluit van het bestuur tot omzetting van de stichting in een andere
rechtsvorm overeenkomstig artikel 2:18 Burgerlijk Wetboek, is het bepaalde in de leden 1, 2
en 3 van het vorige artikel zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing, onverminderd de
eisen van de wet.


==Artikel 12 - Ontbinding en vereffening==
==Artikel 12 - Ontbinding en vereffening==


# Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Op het besluit tot ontbinding is het bepaalde in artikel 10, leden 2 en 3 zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.
1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden.
# Het bestuur stelt bij zijn besluit tot ontbinding de bestemming vast van een eventueel batig saldo. Het batig saldo wordt besteed ten behoeve van een algemeen nut beogende instelling met een soortgelijke doelstelling.
Op het besluit tot ontbinding is het bepaalde in artikel 10, leden 2 en 3 zo veel mogelijk
# Het bestuur is belast met de vereffening van het vermogen van de stichting, voor zover bij het ontbindingsbesluit geen andere vereffenaar(s) is (zijn) aangewezen.
van overeenkomstige toepassing.
 
2. Het bestuur stelt bij zijn besluit tot ontbinding de bestemming vast van een eventueel
batig saldo.
Het batig saldo wordt besteed ten behoeve van een algemeen nut beogende instelling
met een soortgelijke doelstelling.
 
3. Het bestuur is belast met de vereffening van het vermogen van de stichting, voor zover bij
het ontbindingsbesluit geen andere vereffenaar(s) is (zijn) aangewezen.


==Artikel 13 – Eerste boekjaar==
==Artikel 13 – Eerste boekjaar==


Voor het eerste boekjaar geldt dat dit loopt tot en met eenendertig december tweeduizend zesentwintig.
Voor het eerste boekjaar geldt dat dit loopt tot en met eenendertig december tweeduizend
zesentwintig.

Latest revision as of 12:58, 22 January 2026

Artikel 1 - Naam en zetel

1. De naam van de stichting is: Stichting Hackerspace Hermit Hive.

2. De stichting is gevestigd in de gemeente Nieuwegein.

Artikel 2 - Doel

1. De stichting heeft als doel: het stimuleren van raakvlakken tussen kunst, technologie en innovatie, alsmede mensen samen te brengen om te groeien op digitaal en persoonlijk vlak, en het verrichten van al wat hiermee verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn. Tot dit doel behoort niet het doen van uitkeringen aan de oprichter of aan hen die deel uitmaken van organen van de stichting.

2. De stichting beoogt het algemeen nut.

3. De stichting heeft geen winstoogmerk.

4. De stichting tracht haar doel onder meer te bereiken door het faciliteren van een fysieke ontmoetingsplek waar mensen met een passie voor creatie en technologie samen aan projecten kunnen werken, van elkaar kunnen leren en elkaar inspireren.

Artikel 3 - Bestuur: samenstelling, benoeming, beloning, ontslag

1. Het bestuur van de stichting bestaat uit drie of meer natuurlijke personen. De vergadering van deelnemers stelt het aantal bestuurders vast. Een niet-voltallig bestuur behoudt zijn bevoegdheden. Het bestuur kan uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester aanwijzen. Eén bestuurder kan meer van deze functies vervullen.

2. De bestuurders worden benoemd door het bestuur op voordracht van de vergadering van deelnemers. Het bestuur informeert de vergadering van deelnemers zo spoedig mogelijk over het ontstaan van een vacature in het bestuur. De voordracht tot benoeming van een bestuurder wordt schriftelijk ingediend bij het bestuur. Een voordracht bevat voor elke te vervullen vacature ten minste twee personen. Van iedere kandidaat wordt in elk geval meegedeeld zijn leeftijd, zijn beroep en de betrekkingen die hij bekleedt en die hij heeft bekleed voor zover die van belang zijn in verband met de vervulling van zijn taak. Het bestuur is vrij in de benoeming als de vergadering van deelnemers de voordracht niet uiterlijk drie maanden na het ontstaan van de te vervullen vacature schriftelijk heeft ingediend bij het bestuur.

3. Iedere bestuurder moet voldoen aan de volgende vereisten:

a. een bestuurder is een natuurlijk persoon;

b. een bestuurder heeft het vrije beheer over zijn vermogen.

c. een bestuurder is in de laatste vijf jaar niet door de rechtbank ontslagen als bestuurder van een stichting; Ten hoogste de helft van het aantal bestuurders mag met een andere bestuurder een familieband hebben. Onder familieband wordt verstaan bloed- of aanverwantschap tot en met de vierde graad en de hoedanigheid van echtgenoot, geregistreerd partner of andere levensgezel.

4. Bestuurders worden benoemd voor onbepaalde tijd.

5. Alle bestuurders kunnen een vergoeding krijgen van de kosten die zij redelijkerwijs hebben gemaakt in de uitoefening van hun functie. De bestuurders ontvangen geen beloning voor hun werkzaamheden.

6. Een bestuurder kan worden geschorst door het bestuur. Na een schorsing roept het bestuur een nieuwe vergadering bijeen, die wordt gehouden binnen vier weken na de schorsing. In die vergadering wordt besloten of de schorsing wordt opgeheven, de schorsing wordt verlengd of de betreffende bestuurder wordt ontslagen. Een schorsing kan in totaal nooit langer dan drie maanden duren. De schorsing vervalt als geen besluit tot verlenging wordt genomen binnen de hiervoor vermelde termijn van vier weken of als na verloop van drie maanden geen besluit tot ontslag van de betreffende bestuurder is genomen.

7. Een bestuurder verliest zijn functie:

a. door zijn overlijden;

b. door zijn faillissement, door op hem van toepassing verklaren van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen of doordat hij surseance van betaling verkrijgt;

c. door zijn ondercuratelestelling of de onderbewindstelling van zijn gehele vermogen;

d. door zijn vrijwillig aftreden;

e. door zijn ontslag gegeven door het bestuur;

g. door zijn ontslag door de rechtbank.

8. Bij belet of ontstentenis van een of meer bestuurders zijn de overige bestuurders, of is de enige overgebleven bestuurder, tijdelijk met het bestuur belast. Bij belet of ontstentenis van alle bestuurders is een door het bestuur daartoe voor onbepaalde tijd aan te wijzen persoon tijdelijk met het bestuur belast.

Artikel 4 - Bestuur: bijeenroeping, vergaderingen, besluitvorming

1. Iedere bestuurder is bevoegd een vergadering van het bestuur bijeen te roepen.

2. De bijeenroeping van de vergadering van het bestuur vindt schriftelijk plaats. Bij deze bijeenroeping wordt opgegeven op welke dag de vergadering plaatsvindt, wat het aanvangstijdstip van de vergadering is en welke onderwerpen worden behandeld (agenda). De bijeenroeping vindt plaats met inachtneming van een termijn van ten minste zeven dagen, de dag van bijeenroeping en die van de vergadering niet meegerekend. De bestuurder die voor dit doel een adres aan de stichting bekend heeft gemaakt, kan tot de vergaderingen van het bestuur worden opgeroepen door een langs elektronische weg aan dat adres toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht.

3. De vergaderingen van het bestuur worden gehouden op de plaats te bepalen door degene die de vergadering bijeenroept.

4. Als wordt gehandeld in strijd met enige bepaling van de twee vorige leden kan het bestuur niettemin rechtsgeldige besluiten nemen als alle bestuurders in de vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

5. Een bestuurder kan aan een andere bestuurder schriftelijk volmacht verlenen om zich in de vergadering te laten vertegenwoordigen. Een elektronisch vastgelegde volmacht geldt als een schriftelijke volmacht. Een bestuurder kan niet meer dan één medebestuurder in de vergadering vertegenwoordigen.

6. In de vergaderingen van het bestuur heeft iedere bestuurder één stem. Voor zover in deze statuten geen grotere meerderheid is voorgeschreven, worden de besluiten door het bestuur genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten minste de helft van de bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is. Bij staking van stemmen over zaken is het voorstel verworpen.

7. Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming als hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de met haar verbonden onderneming of organisatie. Als hierdoor geen bestuursbesluit kan worden genomen, dan is de betreffende bestuurder toch bevoegd om deel te nemen aan beraadslagingen en de besluitvorming en is het bestuur bevoegd het besluit op deze wijze te nemen. Het bestuur legt dan schriftelijk vast welke overwegingen aan het besluit ten grondslag liggen.

Artikel 5 - Bestuur: leiding van de vergaderingen, notulen, besluitvorming buiten vergadering

1. De voorzitter leidt de vergaderingen van het bestuur. Bij zijn afwezigheid voorziet de vergadering zelf in haar leiding.

2. De voorzitter van de vergadering bepaalt de wijze waarop de stemmingen in de vergaderingen worden gehouden.

3. Het in de vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter van de vergadering over de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel. Wordt onmiddellijk na het uitspreken van het oordeel van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, als de meerderheid van de vergadering of, als de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk plaatsvond, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

4. Van het verhandelde in de vergaderingen van het bestuur worden notulen gehouden door de daartoe door de voorzitter van de vergadering aangewezen persoon. De notulen worden nadat zij zijn vastgesteld door de voorzitter en de notulist van de vergadering ondertekend.

5. Het bestuur kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, als alle bestuurders schriftelijk hun stem uitbrengen. Een besluit is dan genomen als alle bestuurders zich vóór het voorstel hebben verklaard. Als in deze statuten staat dat een besluit in een vergadering genomen wordt, ongeacht of hiervoor een bepaald aanwezigheidsquorum of bepaalde meerderheid is voorgeschreven, kan het besluit ook buiten vergadering genomen worden. Ook dan geldt dat het besluit alleen genomen is als alle bestuurders zich schriftelijk vóór het voorstel hebben verklaard. Onder een schriftelijke verklaring wordt mede begrepen een langs elektronische weg toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht, aan het adres dat het bestuur voor dit doel heeft vastgesteld en aan alle bestuurders.

Artikel 6 - Bestuur: taken en bevoegdheden

1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting. Iedere bestuurder is tegenover de stichting verplicht tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van alles met betrekking tot de werkzaamheden van de stichting, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat op ieder moment de rechten en verplichtingen van de stichting kunnen worden gekend. Het bestuur is verplicht de bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende zeven jaren te bewaren.

2. Het bestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt.

3. Erfstellingen mogen alleen onder het voorrecht van boedelbeschrijving worden aanvaard.

Artikel 7 - Bestuur: vertegenwoordiging

1. Tot vertegenwoordiging van de stichting zijn bevoegd:

- het gehele bestuur samen;

- twee gezamenlijk handelende bestuurders. Een individuele bestuurder kan de stichting niet vertegenwoordigen, tenzij het bestuur uit één bestuurder bestaat.

2. Het bestuur kan besluiten tot het verlenen van incidentele dan wel doorlopende volmacht aan een of meer bestuurders en/of aan anderen, zowel samen als afzonderlijk, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.

Artikel 7a – Deelnemers

1. Deelnemers zijn zij, die zich als deelnemer bij de stichting hebben aangemeld en door het bestuur als zodanig zijn toegelaten.

2. Deelnemers kunnen zijn meerderjarige natuurlijke personen en rechtspersonen die inhoudelijke of zakelijke belangen hebben bij de stichting Ook samenwerkingsverbanden zonder rechtspersoonlijkheid (maatschappen, vennootschappen onder firma, commanditaire vennootschappen) kunnen deelnemer zijn. Het deelnemerschap van een dergelijk samenwerkingsverband betekent het deelnemerschap van de gezamenlijke vennoten. Het samenwerkingsverband wordt daarbij beschouwd als één deelnemer. De rechten van het samenwerkingsverband als deelnemer kunnen alleen worden uitgeoefend door een vennoot die bestuursbevoegdheid heeft. De vennoten van het samenwerkingsverband wijzen een van hen aan als de vennoot die namens het samenwerkingsverband de rechten als deelnemer zal uitoefenen.

Een deelnemer moet verder voldoen aan de volgende eisen:

- de deelnemer moet bekwaam zijn overeenkomsten te sluiten;

- de deelnemer moet een deelnemersovereenkomst met de stichting hebben gesloten.

Als en zolang een deelnemer niet voldoet aan het bepaalde in dit lid, kan hij de rechten die aan zijn deelnemerschap verbonden zijn niet uitoefenen.

3. Telkens als het bestuur dit wenselijk acht, maar ten minste één keer per jaar, wordt een vergadering bijeengeroepen waarvoor alle deelnemers worden uitgenodigd. Deze vergadering wordt aangeduid als de vergadering van deelnemers. Een vergadering van deelnemers wordt bijeengeroepen door het bestuur.

4. Behalve de deelnemers hebben ook alle bestuurders toegang tot de vergadering van deelnemers. Zij mogen in die vergadering het woord voeren. Over toelating van anderen dan de hiervoor bedoelde personen beslist het bestuur.

5. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur. Wordt op deze wijze niet in het voorzitterschap van de vergadering voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelf. De vergadering wijst een secretaris aan die de notulen houdt.

6. Iedere deelnemer heeft één stem. Besluiten van de vergadering van deelnemers worden genomen met volstrekte meerderheid van de stemmen.

7. Het deelnemerschap eindigt door:

- het einde van de deelnemersovereenkomst;

- het overlijden van een deelnemer;

is een rechtspersoon deelnemer dan eindigt zijn deelnemerschap wanneer hij ophoudt te bestaan, ook als dit ophouden te bestaan het gevolg is van fusie of splitsing; Door het toe- en uittreden van vennoten eindigt het deelnemerschap van het samenwerkingsverband niet, maar bij uittreding participeert een vennoot niet langer in het deelnemerschap, terwijl toetreding met zich brengt dat een vennoot deel krijgt in het deelnemerschap.

Artikel 8 - Boekjaar; verslaggeving

1. Het boekjaar loopt gelijk aan het kalenderjaar.

2. Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar de balans en de staat van baten en lasten van de stichting op te maken en op papier te stellen. De penningmeester zendt deze stukken vóór het einde van de in de voorgaande zin bedoelde termijn aan alle bestuurders. Het bestuur maakt een jaarrekening en een bestuursverslag op als bedoeld in artikel 2:300 Burgerlijk Wetboek als dat op grond van de wet verplicht is. In dat geval legt het bestuur een exemplaar daarvan voor het bestuur ter inzage op het kantoor van de stichting met de op grond van de wet toe te voegen gegevens.

3. Het bestuur kan, voordat tot de vaststelling van de balans en de staat van baten en lasten wordt overgegaan, deze stukken laten onderzoeken door een door hem aan te wijzen accountant als bedoeld in artikel 2:393 lid 1 Burgerlijk Wetboek. Deze accountant brengt over zijn onderzoek verslag uit aan het bestuur. Hij geeft de uitslag van zijn onderzoek weer in een verklaring over de getrouwheid van de stukken.

4. De balans en de staat van baten en lasten van de stichting of de jaarrekening wordt vastgesteld door het bestuur binnen een maand na het opmaken van de stukken als bedoeld in lid 2. De vastgestelde stukken worden ondertekend door alle bestuurders. Als een handtekening van een van hen ontbreekt wordt de reden daarvan op de stukken vermeld.

5. De in lid 2 vermelde termijn kan door het bestuur worden verlengd met ten hoogste vier maanden op grond van bijzondere omstandigheden.

Artikel 9 - Reglementen

1. Het bestuur kan een of meer reglementen vaststellen. In een reglement worden regels of nadere regels opgenomen, die het bestuur nodig acht voor de uitvoering van zijn taak. Een reglement mag nooit in strijd zijn met de statuten of de wet. Het bestuur kan elk door hem gemaakt reglement wijzigen en ook intrekken.

2. Een reglement wordt schriftelijk vastgelegd met vermelding van de dag waarop het van kracht wordt. Deze datum kan niet zijn gelegen vóór de datum waarop het besluit werd genomen.

Artikel 10 - Statutenwijziging

1. Het bestuur is bevoegd de statuten te wijzigen.

2. Het besluit tot statutenwijziging kan slechts worden genomen met een meerderheid van ten minste twee derde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

Is in de vergadering waarin een besluit tot statutenwijziging aan de orde is het vereiste aantal bestuurders niet aanwezig of vertegenwoordigd, dan kan na die vergadering een nieuwe vergadering worden bijeengeroepen, te houden niet eerder dan drie en niet later dan zes weken na de eerste vergadering. In de nieuwe vergadering kan het besluit tot statutenwijziging worden genomen met een meerderheid van ten minste twee derde van de uitgebrachte stemmen, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders.

3. Als een voorstel tot wijziging van de statuten wordt gedaan, moet dat bij de oproeping tot de betreffende vergadering, worden vermeld. De woordelijke tekst van de voorgestelde wijziging moet bij die oproeping worden gevoegd. De termijn van de oproeping bedraagt in dit geval ten minste twee weken.

4. Een statutenwijziging treedt in werking op het door het bestuur bepaalde tijdstip, maar niet eerder dan nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Iedere bestuurder is bevoegd deze akte te laten verlijden. Het bestuur kan een of meer bestuurders en/of anderen, zowel gezamenlijk als afzonderlijk, machtigen de akte van statutenwijziging te laten verlijden.

Artikel 11 - Fusie; splitsing; omzetting

Op een besluit van het bestuur tot fusie of splitsing in de zin van titel 7 van Boek 2 Burgerlijk Wetboek en op een besluit van het bestuur tot omzetting van de stichting in een andere rechtsvorm overeenkomstig artikel 2:18 Burgerlijk Wetboek, is het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van het vorige artikel zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing, onverminderd de eisen van de wet.

Artikel 12 - Ontbinding en vereffening

1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Op het besluit tot ontbinding is het bepaalde in artikel 10, leden 2 en 3 zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

2. Het bestuur stelt bij zijn besluit tot ontbinding de bestemming vast van een eventueel batig saldo. Het batig saldo wordt besteed ten behoeve van een algemeen nut beogende instelling met een soortgelijke doelstelling.

3. Het bestuur is belast met de vereffening van het vermogen van de stichting, voor zover bij het ontbindingsbesluit geen andere vereffenaar(s) is (zijn) aangewezen.

Artikel 13 – Eerste boekjaar

Voor het eerste boekjaar geldt dat dit loopt tot en met eenendertig december tweeduizend zesentwintig.